| Dierenwelzijn valt binnen na melding van vilbeluik |
|
|
| woensdag, 31 maart 2010 05:20 | |||
|
Voor de tweede keer in enkele jaren tijd heeft de Inspectie Dierenwelzijn 200 koeien weggehaald bij Stefaan Van De Velde in het Vlaams-Brabantse Pepingen. De dieren waren zwaar verwaarloosd en moesten allemaal afgemaakt worden. De dieren, die één voor één uit de stallen werden gehaald, waren fel verzwakt. Sommige konden niet eens meer op hun poten staan. De inspecteurs waren maandagmorgen naar het melkveebedrijf van Stefaan Van De Velde getrokken na een melding van het vilbeluik, omdat ze er opvallend veel dode dieren moesten oppikken. Op het erf troffen inspecteurs zeven dode koeien aan en acht dode kalveren. 'De andere dieren waren de uitputting nabij', zegt de Inspectie Dierenwelzijn. 'Ze hadden tijdens de winter voornamelijk bedorven voedsel te eten gekregen. Ze zaten met te velen op een kleine ruimte bij elkaar. Veel dieren hadden totaal geen weerstand meer.' De inspecteurs besloten meteen in te grijpen. 'Een zeventigtal dieren kon niet gered worden en werd naar het vilbeluik gestuurd. De andere melkkoeien zijn naar het slachthuis gebracht.' Dat ze 200 dieren in één keer bij één bedrijf moeten weghalen gebeurt uiterst zelden, zegt de Inspectiedienst. Al tweede keer Wat de hele zaak helemaal uitzonderlijk maakt: in 2006 werden al eens 200 verwaarloosde dieren bij Van De Velde opgehaald. Hij kocht daarna gewoon een nieuwe veestapel aan. Het melkveebedrijf dat boer Van De Velde door zijn huwelijk in handen kreeg, telt dubbel zoveel runderen als het gemiddelde Belgische landbouwbedrijf. 'Het vereist een arbeidsintensieve, specifieke aanpak', weten ze bij de Inspectie. 'Hij heeft na de inbeslagname van 2006 de steun van een bedrijfsbegeleider gekregen. Tevergeefs, want hij bleef zijn eigen zin doorvoeren.' 'Enkele dieren waren mager, maar daar is niets verkeerd mee', houdt Van De Velde vol. 'Ze kregen allemaal twee keer per dag vers voer. De kalveren waren ziek, maar ik had er al verschillende keren de veearts bijgeroepen. Ik begrijp niet dat ze ook mijn gezonde dieren hebben afgemaakt.' De inbeslagname betekent een financiële ramp voor de man. 'Nadat ze een eerste keer mijn dieren afpakten, heb ik zware leningen moeten aangaan om weer koeien te kopen. Ik kon niet anders, ik heb echt boerenbloed in mijn aderen. De nieuwe inval is een ramp. Een melkkoe kost makkelijk 1.000 tot 1.500 euro, maar van de opkoper heb ik maandag amper 250 euro per koe gekregen. Ik weet niet wat ik nu moet beginnen, hoe ik die leningen moet afbetalen' Geen beroepsverbod 'Hoe is het mogelijk dat deze boer opnieuw kon beginnen, en drie jaar lang zijn gang kon gaan', klaagt Dirk Blanchart van dierenrechtenorganisatie BLID. 'Waarschijnlijk hebben deze dieren drie jaar lang in onwaardige omstandigheden geleefd. De inspectiediensten dragen hier een grote verantwoordelijkheid.' 'Wij kunnen niemand een beroepsverbod opleggen', reageert de Inspectie. 'Alleen een rechter kan dat. We hebben hem begeleid en we hebben zijn stallen gecontroleerd. Telkens hebben we hem aangespoord om het anders te doen. Zonder een uitspraak van een rechtbank kan ook nu niemand verhinderen dat de boer opnieuw begint.' Het Brusselse parket liet gisteren weten dat ze de boer 'wellicht' zal vervolgen wegens dierverwaarlozing. Bron: Het Nieuwsblad
|

